'Zeg dat nu nog eens', 'Zing
het een keer', 'Is de plaat weer blijven hangen?'
Gert Reunes, levenslang stotteraar, hoort dergelijke opmerkingen
allang niet meer. Hij heeft er juist vechtlust door gekregen en daardoor
is hij zowat het tegenovergestelde van een stotteraar geworden: een
logopedist. Bovendien is Reunes voorzitter van een zelfhulpgroep, en hij
zwijgt geen moment.
Gent / Eigen berichtgeving (Barbara Debusschere)
Ja, ik babbel veel en graag.
Dat komt omdat ik jaren noodgedwongen gezwegen heb.
Nu moet dat er allemaal uit. Eigenlijk ben ik gek op communicatie.
Ik ben vijf jaar geleden begonnen met vzw Best, een zelfhulpgroep
voor stotteraars. Want het
allerbelangrijkste is dat ze met soortgenoten kunnen praten.
Alleen al een gesprekje met een andere stotteraar kan wonderen doen."
U zit hier nu in uw eigen logopedistenpraktijk, u leidt die
zelfhulpgroep en werkt daarbuiten. Bent
u een echte strever?
"Door dat stotteren ben ik een vechter geworden, ja.
Ik ben gaan stotteren vanaf mijn vierde jaar, en daarna heb ik
tevergeefs de deuren van logopedisten en psychologen platgelopen.
Voortdurend zat ik in de klas met de schrik om te moeten voorlezen.
Soms gaf ik een fout antwoord omdat ik dat beter kon uitspreken dan
het juiste. Maar omdat je je
als kind toch wil uiten en je frustraties wil afreageren, zoek je iets
anders. Dus ging ik intensief
basketballen en vanaf mijn vijftiende werd ik zelfs topsporter.
Dat was mijn manier om te zeggen: 'ik besta'. Later werd mij
aangepraat dat ik klerk moest worden, maar ik deed met succes een graduaat
elektronica, wat ik zelf wilde. Daarna heeft het wel nog jaren geduurd
voor ik iets aan mijn stotteren ging doen."
U ging ondanks de
logopedie niet vooruit. Was de
oorzaak misschien psychisch?
"Nee! Dat is een van de grote misvattingen over stotteren: 'er is
iets misgegaan in zijne kop'. Het
is genetisch. Bij stotteraars is er geen coördinatie tussen het
spraakcentrum in de linkerhersenhelft en de rechterhelft, die ritme,
intonatie en luidheid regelt. Bij mij heeft het jaren geduurd voordat ik
de methode gevonden heb die mij enorm geholpen heeft. Dat was de Hausdörfer-methode,
waarbij je grip krijgt op de klanken door ze in alle mogelijke toonaarden
te gaan uitspreken. Als het psychologisch was, zou dat toch niet werken."
Wat is eigenlijk de beste oplossing?
Die is er niet. Je hebt mensen die zich laten hypnotiseren of die 's
ochtends met hun blote voeten op wilde kastanjes lopen, maar dat haalt
natuurlijk geen steek uit. Ik ben zelf ook niet stottervrij.
Maar ik heb ervoor gewerkt om vrij te zijn van mijn stotteren.
Als ik wil, kan ik perfect praten, wat ik vroeger ook altijd wilde.
Nu doe ik dat als het moet, maar ik ben soms zo op mijn gemak dat
ik ook gewoon geen moeite wil doen en dan stotter ik wat. Dat
zelfvertrouwen is er natuurlijk niet vanzelf gekomen. Ik heb er jaren aan
moeten werken. Een combinatie van een zelfhulpgroep en professionele hulp
is volgens mij wel een must.Verder bestaat er ook een apparaatje dat
vijftig jaar geleden werd uitgevonden en waardoor je naar jezelf luistert
maar dan vertraagd. Het gekke
is dat stotteraars daardoor vloeiend gaan spreken.
Echt, dat ding heeft sommige mensen die al twintig jaar niet
spraken ineens een volledige zin doen zeggen. Dan stromen de traantjes,
hoor. Nu gebruikt geen enkele
logopedist het toestel nog omdat het mensen er afhankelijk van zou maken,
terwijl het wel een opsteker voor het zelfvertrouwen is."
Als stotteraars zo'n laag
zelfvertrouwen hebben, staan ze dan niet enorm weigerachtig tegenover een
zelfhulpgroep?
Er zijn in Vlaanderen 60.000 stotteraars, maar bij Best, de enige
zelfhulpgroep, hebben we in vijf jaar tijd 400 leden gehad. De
drempelvrees is enorm groot. Vroeger
kende ik mensen die hun stotterende zoon in de schuur lieten spelen
wanneer er bezoek kwam. Ik heb niet de indruk dat dat nu nog het geval is,
maar het taboe blijft. Ouders
zoeken nu wel hulp, maar het probleem moet direct verholpen worden. Dat
gaat natuurlijk niet. "De meeste volwassen stotteraars vertonen
nog altijd enorm veel vluchtgedrag. Sommigen
vragen een foldertje aan en komen dan pas na vier jaar op ons af.
Wat zeker niet veel goed doet, is 'Jeanke', een belachelijke
stotteraar gespeeld door Jacques Vermeire.
Wat denk je dat er door de hoofden van stotteraars gaat als ze elk
jaar zien dat heel Vlaanderen zich een breuk lacht als Jeanke weer eens op
de ouderjaarsavondshow komt?"
Dat mensen als Steve Stevaert geen lans breken voor stotteraars,
vind ik ook erg. Zijn populariteit zou stijgen als hij zou toegeven dat
hij stottert. Dat zou die
59.600 mensen die wij niet bereiken echt een hart onder de riem steken. Er
zijn trouwens ook een paar bekende sterren en acteurs die net hetzelfde
zouden kunnen doen. Maar
allemaal ontkennen ze of zeggen ze dat ze ex-stotteraars zijn.
Stevaert zelf geeft het flauwe excuus dat hij op een school met
veel slechthorenden gezeten heeft."
Ook onbekende stotteraars
lijken zich goed te verbergen. Waar zijn die 59.600 anderen eigenlijk?
"Het gros van de stotteraars leidt inderdaad een verborgen bestaan.
Er zijn er die een universitair diploma hebben maar door het
stotteren hun leven slijten in een beschutte werkplaats.
Op een sollicitatiegesprek moet je niet afkomen met een
spraakgebrek. Stotteraars lijken ook zo verborgen omdat velen hun gebrek
perfect weten te vermommen. Ofwel
zwijgen ze, ofwel vermoeien ze zich door altijd naar synoniemen te zoeken
die ze wel goed kunnen uitspreken. Het
zijn zij die een chocomelk bestellen terwijl ze eigenlijk een Schweppes
willen. Maar dan bedrieg je
jezelf, en dan blijf je je hele leven chocolademelk drinken. Ook op
sociaal niveau zijn we verborgen. Wij hebben slechts recht op twee jaar
therapie, terwijl bijvoorbeeld gehoorgestoorden zowat alles terugbetaald
krijgen. Het is tijd dat we wat meer lawaai maken en voor onze rechten
opkomen. Maar ja, we zijn natuurlijk niet erg mondig. (lacht)"
U bent op dat gebied dus eigenlijk een voorbeeldfiguur?
Pff, misschien. Ik wou
echt graag spreken, dat was mijn geluk. Behalve Arno misschien zijn er
geen echte voorbeelden. Hij
heeft van zijn stotteren zijn charme gemaakt, en, wat ook zeer belangrijk
is, hij heeft iets extra's naast dat stotteren.
Bij mij daarentegen staat mijn hele leven in het teken van
stotteren. Het is de zin van mijn bestaan. Nadat ik de Hausdörfer-methode
onder de knie had, dacht ik: 'Wat wil ik nu doen in mijn leven?
Wat kan ik goed?' Het antwoord is dat ik goed kan hakkelen en
haperen. Dus wou ik
stotterlogopedist worden. Sinds
een jaar heb ik mijn diploma. Het is deels een overwinning op mezelf, maar
ik heb het toch ook gedaan om een signaal te geven aan stotteraars."
Was het niet enorm zwaar om als stotteraar een diploma logopedie te
behalen?
Op de hogeschool moesten ze mij niet, want ik zou het beroep
verkrachten. En dat terwijl
zowat alle stottertherapeuten in de VS zelf stotteraars zijn. Op de
universiteit werd ik daarentegen erg goed ontvangen.
Niet dat ik ooit een speciale behandeling kreeg of zo, maar de
professoren gaven toe dat ik als stotterlogopedist een meerwaarde zou
kunnen bieden en ze hebben me geholpen om dat te verwezenlijken.
Met hen heb ik ook de eerste Wereldstotterdag opgericht."
Wat is eigenlijk het
frustrerendst, dat je niet uitgesproken krijgt wat je wil zeggen of de
reacties van de buitenwereld?
"Dat laatste. Veel
mensen weten niet wat het is en gaan dan raad geven in de trant van: 'Ge
moet niet zo zenuwachtig zijn, manneke'. Dat is ergerlijk. Of ze gaan je
aanvullen, wat vaak nogal kleinerend overkomt. Oké, als iemand echt tien
minuten nodig heeft om zijn eigen naam uit te spreken, dan kun je helpen,
maar je zou toch eerst kunnen vragen of die hulp gewenst is.
Want er zijn van die echte doorzetters voor wie het heel belangrijk
is uit te spreken wat ze willen zeggen. Zo ken ik iemand die elke dag twee
pakjes Marlboro gaat kopen. De
winkelier zet die al klaar zodra hij die stotteraar ziet aankomen, maar de
man blijft altijd zijn twee pakjes Marlboro vragen, ook al staan ze voor
zijn neus. Dat lijkt grappig,
maar voor hem is dat de ernstigste zaak van de wereld. En ik begrijp
hem."
'De populariteit van Steve Stevaert zou stijgen als hij toegeeft dat hij
stottert'
PEDAGOGIE
Interview met
stotteraar-logopedist Gert Reunes
© 2000 Uitgeverij De Morgen NV